Geplaatst op 13 juni 2020

Inspirerende promotie Gied ten Berge

Onder het motto ‘Kom en zie’ nodigen Palestijnse christenen sinds 2009 hun geloofsgenoten elders uit voor een pelgrimage met een christelijke boodschap ‘van vrede, liefde en verzoening’. In zijn proefschrift Het Palestijnse ‘Kom en zie’-initiatief in cultuurwetenschappelijk en historisch-theologisch perspectief positioneert Gied ten Berge deze nieuwe vorm van pelgrimage naar het Land – hij vermijdt de term ‘Heilig Land’ – ten opzichte van andere, traditionele vormen van christelijke pelgrimage, de moderne ‘pelgrimage met een missie’ en ‘verantwoord toerisme’. Vervolgens onderzoekt hij de theologische lagen onder de verschillende vormen van pelgrimage. De verdediging van dit proefschrift op vrijdag 12 juni liet zien dat ook een onderwerp waarbij het jodendom niet direct centraal staat relevant kan zijn voor wie zich bezighoudt met de dialoog tussen joden en christenen. Daarom vijf persoonlijke leerpunten.

Door: Tineke de Lange

Leerpunt 1: wees je bewust van je eigen perspectief. Opponent Marcel Poorthuis miste in het proefschrift de multireligieuze context van het Midden-Oosten zelf. Pelgrimage wordt door Ten Berge beschouwd vanuit westers-christelijk perspectief, met alle problematische kanten van dien. Zoals Gied ten Berge zelf opmerkte: dankzij de kruistochten (‘gewapende pelgrimages’) is voor de inwoners van het Land de westerse pelgrimage belast.

Leerpunt 2: zoek naar gedeelde ervaringen en gedeelde geleefde tradities. In de regio zelf bezoeken c.q. bezochten Joden, moslims en christenen al eeuwenlang dezelfde bedevaartplaatsen, bijvoorbeeld het graf van Rachel bij Bethlehem. Helaas staan die regionale interreligieuze pelgrimages onder druk. Het graf van Rachel is door de Israëlische ‘veiligheidsmuur’ voor Palestijnen moeilijk toegankelijk geworden. Klein lichtpuntje: er wordt nu gedacht over een virtuele interreligieuze pelgrimage naar deze plaats.

Leerpunt 3: wat moeten we met de begrippen universaliteit en particulariteit? Tijdens de zitting kwamen ze ter sprake en de manier waarop doet vermoeden dat gerefereerd werd aan de zogeheten Joodse particulariteit en de zogeheten christelijke universaliteit. Afgezien van de kwestie of deze etiketten helemaal recht doen aan beide tradities en hun geschiedenis, kun je je afvragen of we ons niet drukker zouden moeten maken over de particularistische tendensen binnen de verschillende religieuze tradities zelf. Vormen van Joods, christelijk en islamitisch particularisme winnen de laatste decennia terrein en verstoren in toenemende mate het gesprek met elkaar.

In het verlengde hiervan leerpunt 4: wees beducht op toe-eigening van God. Pelgrimeren is zoeken, want in hoeverre zijn wij mensen in staat God te bevatten? Pelgrimage is ook een weg tot de ontwikkeling van een dynamisch Godsbeeld en kan zo een tegenwicht bieden tegen de neiging binnen de drie godsdiensten zich God toe te eigenen.

Leerpunt 5: bij de ‘Kom en zie’-pelgrimage gaat het niet om grote vergezichten of politieke projecten, maar om het persoonlijke. Door pelgrims mee te nemen in de dagelijkse ervaring van christenen in het Land ontstaat een bewustwordingsproces waaraan de pelgrim op zijn of haar eigen wijze vorm kan geven. Dat zou mutatis mutandis ook moeten opgaan voor de dialoog met het jodendom (of de islam).

Tenslotte: zoals ik hiervoor al schreef heb ik de promotie van Gied ten Berge gevolgd vanuit het perspectief van de dialoog met het jodendom. Gelukkig hebben katholieken in het algemeen de goede gewoonte om de dialoog met het jodendom en het gesprek met Palestijnse christenen niet tegen elkaar weg te strepen. Daarom: dank aan Gied ten Berge voor deze interessante studie en proficiat met zijn promotie. En dat we met elkaar in gesprek mogen blijven.

Tineke de Lange is oudtestamentica en beleidsmedewerker van de Katholieke Raad voor het Jodendom


  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.